| De afzet: van voeding tot energie De Europese Unie (EU-25) produceerde in 2005 ruim 2,85 miljoen ton gesmolten dierlijke vetten. De meeste vetten gaan naar de diervoeding- en de energie-industrie. Bijgaande figuur geeft de voornaamste bestemmingen van deze vetten.
Dierlijke vetten geven ook smaak aan bepaalde vleeswaren, soepen en sauzen. Diervoeders Technische producten Consumentenproducten Ook de industrie gebruikt vetderivaten. Bij de papierrecycling helpen zij bij het verwijderen van de inkt van oud papier, zonder het papier te beschadigen. Industriële en huishoudelijke zepen en schoonmaakmiddelen wassen en schuimen (mede) dankzij de derivaten van dierlijke vetten. Dezelfde derivaten leveren het basisproduct stearine voor kaarsen, eventueel gemengd met paraffine en voor (boen)was en poetsmiddelen. Esters van dierlijke vetten vormen de basis van diverse soorten plastics en van stoffen die bij de productie van plastic worden gebruikt: stabilisatoren, glijmiddelen (voor het soepel loskomen van producten uit de gietvormen), stoffen die statische effecten en productvertroebeling tegengaan en emulgatoren die de polymerisatie bevorderen. Dierlijke vetten vormen de basis van allerlei industriële smeermiddelen, maar ook van de niet-toxische, biologisch afbreekbare smeermiddelen. De vetderivaten maken specifieke toepassingen mogelijk, zoals het reinigen van harde oppervlakken. De oleochemische industrie levert snij-oliën, koelvloeistoffen en poets- en polijstmiddelen aan de metaalbewerkende industrieën en metaalsmelterijen. Boor- en snijmachines worden met producten op basis van dierlijk vet gekoeld en gesmeerd. Energie Bio-energie Biodiesel |
| © 2006 INFORMATIECAMPAGNE DIERLIJK VET - DISCLAIMER |